Zuurgraad
De zuurgraad, uitgedrukt in pH, meet hoe zuur of basisch de grond is en bepaalt mede welke planten er goed groeien en welke voedingsstoffen beschikbaar zijn.
De zuurgraad van de grond wordt uitgedrukt in een pH-waarde: laag betekent zuur, hoog betekent basisch, en het merendeel van de tuinplanten groeit het beste in een grond die daar net tussenin zit.
Het bodemtype bepaalt voor een groot deel de uitgangswaarde. De Bodemkaart van Nederland, bijgehouden in de Basisregistratie Ondergrond (BRO, 2024), laat zien dat veengrond van nature vaak aan de zure kant zit, terwijl de kalkrijke zandgrond die elders in de stad is opgebracht juist neutraler tot basisch uitpakt.
Een plant die op de verkeerde zuurgraad staat, neemt voedingsstoffen slechter op, ook als er genoeg van in de grond zit: bij een te hoge pH raken ijzer en mangaan minder beschikbaar, bij een te lage pH juist fosfaat. Een border met vaste planten die van kalkrijke grond houden, verdraagt zure veengrond dan ook slecht.
Bijstellen kan met kalk strooien om de pH te verhogen; verlagen is lastiger en vraagt herhaalde, kleine ingrepen. Een grondmonster voorafgaand aan de beplanting voorkomt dat een border achteraf wordt aangepast aan de bodem in plaats van andersom.
Veelgestelde vragen
Hoe meet ik de zuurgraad van mijn tuin?
Met een eenvoudige pH-tester uit de tuinwinkel of een grondmonster bij een laboratorium; beide geven een indicatie waarmee de beplanting kan worden afgestemd.
Kan ik de zuurgraad blijvend veranderen?
Niet blijvend; kalk of zwavel stelt de pH tijdelijk bij, maar de bodem beweegt na verloop van tijd weer terug naar zijn natuurlijke waarde.