Japanse duizendknoop
De Japanse duizendknoop is een invasieve plant met holle stengels en een diep wortelstelsel, die uit het kleinste wortelfragment opnieuw kan uitgroeien.
De plant komt in het voorjaar op als rode scheuten en staat in de zomer manshoog, met holle stengels en brede bladeren. Onder de grond zit het echte probleem: wortelstokken die meters ver lopen en die uit een klein fragment opnieuw beginnen.
De NVWA waarschuwt dat de wortels via bestaande scheuren in asfalt, beton en metselwerk groeien en zo funderingen, riolering en verharding kunnen beschadigen (nvwa.nl). Alleen maaien helpt niet en vergroot juist de kans op verspreiding. Bij graven adviseert de NVWA laagsgewijs te werken, in lagen van ongeveer dertig centimeter, en nog dertig centimeter door te gaan voorbij de laatste zichtbare wortelrest, zowel de diepte in als opzij (nvwa.nl, geraadpleegd in 2026).
Voor een tuinproject verandert dat de hele logistiek. Grond met wortelresten is besmette grond: die gaat niet op de composthoop en niet in de gewone stroom groenafval, maar apart gemeld naar een erkende verwerker. Laarzen, schoenzolen, handgereedschap en banden worden na afloop schoongemaakt, want één achtergebleven stukje stengel begint de haard opnieuw. Net als bij de buxusmot is vroeg herkennen het halve werk.
Wat een volledige renovatie inhoudt, staat op tuinrenovatie.
Veelgestelde vragen
Kan ik de Japanse duizendknoop zelf uitgraven?
Dat lukt zelden in één keer. Blijft er een stuk wortelstok achter, dan staat de plant een seizoen later terug. Uitgraven werkt alleen als de hele haard laagsgewijs wordt weggenomen en de grond apart wordt afgevoerd.
Moet ik een besmetting melden?
Bij het afvoeren van grond en groenafval hoort u te melden dat er resten van de Japanse duizendknoop in zitten, zodat de verwerker de partij apart behandelt. Amsterdam houdt daarnaast bij waar de plant in de stad staat.