Hoe zit het met de erfgrens, overhangende takken en wortels volgens het Burgerlijk Wetboek?
Het Burgerlijk Wetboek regelt de erfgrens in boek 5, met een afstandsregel voor bomen en heggen (artikel 5:42), een apart recht bij overhangende takken en doorschietende wortels (artikel 5:44) en een algemene hinderbepaling (artikel 5:37). De precieze afstanden voor bomen en heggen staan uitgewerkt in het artikel over de boom of heg bij de erfgrens.
Welke drie artikelen bepalen samen de regels op de erfgrens?
Artikel 5:42 stelt vooraf een afstand voor bomen en heggen tot de erfgrens, artikel 5:44 regelt wat u achteraf mag doen bij overhangende takken of doorschietende wortels, en artikel 5:37 vangt algemene hinder op die niet aan een vaste afstand gebonden is. Samen vormen ze het burenrechtelijke kader voor beplanting op de grens.
De exacte afstanden die bij artikel 5:42 horen, staan uitgewerkt in het artikel over de boom of heg bij de erfgrens; dit artikel herhaalt die maten niet, maar plaatst ze in het geheel van de drie bepalingen.
Een geschil op de erfgrens raakt vaak meer dan één van deze artikelen tegelijk, bijvoorbeeld een boom die zowel te dicht op de grens staat als takken laat overhangen; beoordeel dan elk artikel apart, want de uitkomst kan per artikel verschillen.
Hoe verhoudt de afstandsregel zich tot het recht bij overhangende takken?
Artikel 5:42 werkt preventief en bepaalt hoe ver een boom of heg bij het planten van de erfgrens moet staan. Artikel 5:44 werkt corrigerend en regelt wat de buurman mag doen zodra een tak of wortel toch over de grens groeit, ook als de boom zelf op de juiste afstand staat.
Een boom die keurig op de wettelijke afstand staat, kan dus alsnog onder artikel 5:44 vallen zodra de kroon of de wortels uitgroeien tot over de erfgrens.
Wanneer speelt de algemene hinderbepaling een rol?
Artikel 5:37 grijpt in wanneer beplanting weliswaar aan de afstandsregel voldoet, maar toch onrechtmatige hinder veroorzaakt, zoals aanhoudende schaduw, overmatige bladval of wortelschade aan een fundering. Deze bepaling kent geen vaste maat en vraagt een afweging van de concrete omstandigheden.
Een rechter weegt bij een beroep op artikel 5:37 de ernst, de duur en de plaatselijke gebruiken mee; een boom die formeel aan artikel 5:42 voldoet, is daarmee niet automatisch ook vrij van hinder in de zin van artikel 5:37.
Documenteer bij een langlopend hinderprobleem het verloop met beeldmateriaal over meerdere seizoenen, want de ernst en de duur van de hinder zijn precies de punten waarop een rechter de zaak beoordeelt.
Hoe verhoudt een erfdienstbaarheid zich tot deze regels?
Een erfdienstbaarheid is een notarieel vastgelegd recht dat de standaardregels van het Burgerlijk Wetboek kan aanvullen of vervangen, bijvoorbeeld een afwijkende afstand voor beplanting die bij de aankoop van het perceel is overeengekomen.
Twijfelt u of voor uw perceel zo een afwijkende afspraak geldt, dan controleert u dat bij het Kadaster, niet aan de hand van de standaardregel uit artikel 5:42 alleen.
Wat kunt u het beste doen voordat u een beroep doet op een van deze artikelen?
Meet eerst zelf de afstand, leg de situatie vast met een foto en bekijk of er sprake is van een afwijkende erfdienstbaarheid, voordat u een formeel beroep op artikel 5:42, 5:44 of 5:37 doet.
Spreek de buren daarna eerst rechtstreeks aan; in veel gevallen lost een gesprek de situatie sneller op dan een formele procedure, en blijft de relatie met de buren beter overeind.
Veelgestelde vragen
Kunt u afwijken van artikel 5:42 met een afspraak met de buren?
Ja, een onderlinge afspraak kan de wettelijke afstand vervangen; leg zo een afspraak bij voorkeur schriftelijk vast, zodat die ook standhoudt bij een verkoop van een van beide percelen.
Geldt artikel 5:44 ook voor een schutting in plaats van een boom?
Nee, dat artikel ziet specifiek op takken en wortels van beplanting; voor een schutting of ander bouwwerk gelden andere regels, niet de bepalingen over overhangende takken.
Waar vindt u de exacte afstanden die bij artikel 5:42 horen?
In het artikel over de boom of heg bij de erfgrens, dat de maten van twee meter voor een boom en een halve meter voor een heg of heester stap voor stap uitwerkt.