Haagblok
Een haagblok is het rechte, geschoren vlak van een haag dat als eenheid wordt geknipt, met scherpe hoeken en een vlakke bovenkant die de rest van de tuin begrenzen.
Een haagblok is de vorm die ontstaat wanneer een haag strak wordt teruggeknipt tot vlakke zijkanten en een rechte bovenkant, zodat de beplanting een blok vormt in plaats van een ronde massa. De term komt uit de vormsnoei en beschrijft het resultaat, niet de plantsoort: beukenhaag, taxus en liguster worden allemaal als blok geknipt.
Aan de erfgrens gelden regels voor de plaats van een haag, ongeacht de vorm waarin hij wordt gehouden. Het Burgerlijk Wetboek staat in boek 5, artikel 42 (geldende tekst 2026) een heg of haag toe vanaf een halve meter van de grenslijn, tenzij de buren onderling iets anders zijn overeengekomen.
In een Amsterdamse tuin is een haagblok vaak de rand van een border of de scheiding tussen terras en gazon. Op een offerte staat het aantal strekkende meters en de hoogte, want een lage rand vraagt minder werk dan een blok op manshoogte.
Het scherp houden van de hoeken vraagt een vast snoeitijdstip, meestal twee beurten per seizoen bij een snelle groeier zoals liguster en één beurt bij een trage groeier zoals taxus.
Veelgestelde vragen
Kan elke haagplant een haagblok worden?
De meeste haagplanten laten zich in een blokvorm knippen, maar een trage groeier zoals taxus houdt de scherpe hoeken langer vast dan een snelle groeier die binnen één seizoen alweer uit model groeit.
Hoe vaak moet een haagblok geknipt worden om strak te blijven?
Dat hangt van de soort af: een langzame haag houdt de vorm met één beurt per jaar, een snelle groeier heeft er vaak twee nodig om de hoeken scherp te houden.